Afbeelding: Voeradvies_suiker

Suiker en zetmeel, wat kun je ermee?

Wanneer je een koolhydraatarm rantsoen voor jouw paard gaat samenstellen, houd dan niet alleen rekening met het suikergehalte van het krachtvoer en het ruwvoer, maar kijk ook naar het zetmeelgehalte van het totale rantsoen.

Te veel zetmeel in het rantsoen kan darmstoornissen veroorzaken. Wanneer er onverteerd zetmeel in de dikke darm komt, kan dit de bacteriepopulatie verstoren. Dit veroorzaakt gifstoffen of toxinen, waardoor er onder andere hoefbevangenheid kan ontstaan. Maar ook overgewicht, insulineresistentie, spierbevangenheid en koliek kunnen gevolgen zijn van een te grote hoeveelheid suiker en zetmeel in het rantsoen.

Sobere rassen

Door hun zeer efficiënte vertering kunnen met name sobere rassen minder goed omgaan met een teveel aan suiker en zetmeel. Sobere rassen kunnen de voedingsstoffen uit het ruwvoer beter benutten dan andere rassen. Voor deze paarden is een rantsoen met een laag suiker- en zetmeel gehalte zeer wenselijk.

Zware arbeid

Dit geldt dus niet voor alle paarden. Vooral voor paarden die meer moeten presteren, zijn suiker en zetmeel belangrijke energiebronnen. Met de voeders van Voermeesters kun je je paard een uitgebalanceerd menu voorzetten.